Is dit nu het gebouw dat we voor ogen hadden? | Twynstra Gudde - Organisatieadviesbureau - organisatieadviesbureau

Is dit nu het gebouw dat we voor ogen hadden?

Een glazen vergaderruimte voelt voor de een als een open ruimte en voor de ander als een aquarium. Een traditioneel klaslokaal kan als een prettig gestructureerde leeromgeving werken, maar ook als een benauwende ruimte waarin je verdwijnt in het groepsgeweld. Het verschil in waarneming varieert sterk per persoon en per cultuur. Het is daarom van groot belang de behoefte van gebruikers zo goed mogelijk in kaart te brengen. De vraag is of dat wel goed gebeurt. Want is dit nu het gebouw dat we voor ogen hadden? Een gebouw ontwikkeld met behulp van virtual of augmented reality is letterlijk wat alle partijen voor ogen hebben gehad!

Een ontwerper is geen gebruiker, laat staan dat hij de verscheidenheid aan voorkeuren van gebruikers goed kan kennen. Ontwerpers maken vooral gebruik van ervaring en wetenschappelijk inzicht in die voorkeuren, leidend tot wat genoemd wordt een evidence based design. Zo is wetenschappelijk aangetoond dat meer daglicht leidt tot meer cortisol waardoor mensen zich socialer gaan gedragen en dat minder achtergrondgeluid de waardering van werkplekken verbetert [1]. Met dit soort kennis kan een programma van eisen vertaald worden in een ontwerp. Maar is dit voldoende om de specifieke voorkeuren in uw situatie terug te zien in het ontwerp?

Onderzoek naar voorkeuren [2] bij gepersonaliseerd onderwijs laat zien dat het beter kan. De vertaling van woorden naar tekeningen is niet eenduidig. Architect en projectmanager gebruiken hun eigen jargon terwijl opdrachtgevers en zeker gebruikers zo'n ontwerpproces niet dagelijks meemaken. Woorden schieten tekort voor een gemeenschappelijke verbeelding. De terugkerende vraag is of mensen hetzelfde bedoelen. Ontwerpkeuzes leiden dan ook niet zelden tot verbazing: "Is dat nu wat we voor ogen hadden?". Bijvoorbeeld een nieuw werkplekconcept dat niet aansluit bij de huidige manier van werken of onwetendheid over wat een andere manier van werken betekent voor het ontwerp. De traditionele manier van gebruikersbehoeften in kaart brengen heeft dus zijn beperkingen.

Technologie geeft het ontwerpproces een extra dimensie: een gemeenschappelijke verbeelding. Met gebruik van virtual reality (VR) en augmentend reality (AR) [3] kunnen opdrachtgever en gebruikers daadwerkelijk hetzelfde beeld voor ogen krijgen als architect en projectmanager. Uit onderzoek blijkt dat dit ‘beter communiceert’ dan woorden en tekeningen. Toepassing daarvan kan al in een vroeg stadium, bijvoorbeeld in simulaties, informatie voorziening, ontwerpbeslissingen en terugkoppeling daarop, met als resultaat een hogere gebruikerstevredenheid. In een later stadium kan dit bijvoorbeeld door het (eerste) gebruik te begeleiden, door toepassingen tijdens de bouw en de beheerfase.

De koppeling tussen organisatie en huisvestingsontwikkeling met behulp van VR of AR leidt tot een hogere tevredenheid van het gebouw. Samen met gebruik van wetenschappelijke kennis wordt voorkomen dat gebrekkige communicatie of eigen ideeën en percepties het kennen van de werkelijke behoeften van gebruikers in de weg staan. Dus de vraag of een gebouw echt voldoet aan de wensen van gebruikers, is met deze technologie achterhaald. Het is geen vraag meer, maar weten(schap).

[1] Bron: Barret, P., Davies, F., Zhang, Y., & Barrett, L. (2016). The Holistic Impact of Classroom Spaces on Learning in Specific Subjects. Environment and Behavior, 1-17.

[2] Kleijwegt, T.M. (2017). De invloed van de leeromgeving bij gepersonaliseerd leren. Afstudeeronderzoek in samenwerking met TU Delft en Twynstra Gudde.

[3] Virtual Reality (VR) is een virtuele omgeving die zichtbaar is door een VR bril (headset). De levensechte en vaak interactieve omgeving wordt opgebouwd met de computer en door ons gebruikt als een tool of communicatiemiddel dat ons werk ondersteunt en versterkt. Bij Augmented Reality (AR) wordt de virtuele omgeving verbonden met de realiteit waardoor er een mix ontstaat.

Markten & Sectoren

Huisvesting en vastgoed, Onderwijs

Reageer