<img height="1" width="1" style="display:none;" alt="" src="https://px.ads.linkedin.com/collect/?pid=1974505&amp;fmt=gif">
TG_logo_wit
Werken bij

    Waar wij aan werken

    Met onze adviseurs, managers en opleiders dragen we bij aan duurzame, maatschappelijke veranderingen. Denk aan de energietransitie en de klimaatdoelen, de toekomst van de landbouw, goed onderwijs, passende zorg, de slagkracht van onze defensie, oplossingen voor de krapte op de woningmarkt en hoe we het best van A naar B reizen. De uitdagingen zijn groot, maar onze kracht ligt in daadkracht. We laten transities werken.

    Wie we zijn

    Onze adviseurs en managers hebben uiteenlopende expertises en voelen zich verantwoordelijk voor de uitvoering. Duurzaamheid is een integraal onderdeel van onze werkwijze.

    ,

    Recente vacatures

    Management

    Manager Human Resources

    Als Manager Human Resources ben je verantwoordelijk voor het ontwikkelen, realiseren en borgen van het HR-beleid binnen TwynstraGudde (TG). Je geeft richting aan het vakgebied dat we binnen ons bureau Human Talent noemen en zorgt voor samenhang tussen strategie, beleid en uitvoering. Je bent een...

    Solliciteer nu
    ICT

    Servicedesk medewerker

    Bij TwynstraGudde is onze ICT-afdeling van cruciaal belang. Wij zijn op zoek naar een Servicedesk medewerker/Supportdesk medewerker die kennis heeft van Microsoft Azure en Windows 11. Iemand die het aanspreekpunt is voor onze gehele afdeling ICT. Jij voorziet de organisatie van de juiste...

    Solliciteer nu
    Bekijk alle vacatures

    Hoe komt Nederland van het stikstofslot? Drie sleutels voor een uitvoerbare aanpak

    Nederland staat voor een complexe opgave. Agrariërs wachten op duidelijkheid. Natuurherstel blijft achter. Vergunningverlening voor woningbouw, infrastructuur en bedrijvigheid loopt vast. De stikstofproblematiek raakt het hele land. Op 26 juni 2026 presenteerde het kabinet een omvangrijk pakket voor landbouw, natuur en stikstof. Met een investering van € 20 miljard tot 2035 moet de stikstofuitstoot verminderen, natuur herstellen en ruimte ontstaan voor vergunningverlening. De boodschap is helder: Nederland moet in beweging komen. Maar het succes van deze koers hangt af van de vertaling van maatregelen naar de praktijk. 

    Auteur(s)

    Datum

    9 juli 2026

    Leestijd

    Hoe komt Nederland van het stikstofslot

    Integrale benadering

    Het Rijk kiest duidelijk voor een integrale benadering. Stikstof is niet langer een los milieuprobleem, maar verbonden met natuurherstel, waterkwaliteit, landbouw, vergunningverlening en leefbaarheid van het platteland. Bovendien combineert het plan verschillende overheidsrollen: het stellen van normen en juridische kaders, investeren in ondersteuning en natuurherstel, samenwerken met medeoverheden en maatschappelijke partijen en ruimte bieden aan gebiedsgerichte oplossingen. De principes van meervoudig sturen komen zo goed samen in één aanpak (zie afbeelding).

    Figuur Meervoudig sturen-01Meervoudig sturen (bron: Verheul e.a., 2017)

    De integrale benadering van het kabinet past bij de complexiteit van het stikstofvraagstuk. Tegelijkertijd maakt die integrale aanpak de uitvoering niet eenvoudiger. De komende tijd werken we in een blogreeks drie sleutels uit die volgens ons bepalend zijn voor succesvolle uitvoering en het omdraaien van het stikstofslot:

    • Gebiedsprocessen

    • De instrumentenmix

    • De rol van grond

    Hierna introduceren wij deze drie sleutels. In de komende periode werken wij ieder van deze thema’s verder uit in een afzonderlijke blog, met aandacht voor de bestuurlijke, juridische en uitvoeringsvraagstukken die daarbij spelen.

    Sleutel 1: Focus in gebiedsprocessen

    Net als in de voorgaande aanpak van het NPLG krijgen gebiedsprocessen een centrale rol in de uitvoering. Anders dan voorheen hebben gebieden nu echter geen invloed op de doelstellingen: het kabinet kiest dit keer nadrukkelijk voor een combinatie van landelijke kaders en gebiedsgerichte uitwerking. 

    Gebiedsprocessen hebben wel invloed op de manier waarop deze doelen worden bereikt. Provincies kunnen tot 1 januari 2028 gebiedsplannen indienen als alternatief voor de landelijke zoneringsregels rondom Natura 2000-gebieden. Een gebiedsplan moet aantonen hoe het gebied met eigen maatregelen minimaal dezelfde natuur- en stikstofeffecten bereikt. Bovendien moet het plan juridisch geborgd zijn en mag het niet meer kosten dan de landelijke aanpak. Keurt het Rijk het plan goed, dan ontstaat ruimte voor maatwerk en vergunningverlening voor dit gebied. Zo niet, dan gelden de landelijke zoneringsregels.

    Provincies moeten samen met medeoverheden en gebiedspartners in krap anderhalf jaar toetsbare uitvoerings- en borgingsplannen opstellen. Dat vraagt om scherpe focus in lopende gebiedsprocessen en duidelijke keuzes over de aanpak. Daarmee komt direct de volgende vraag in beeld: met welke maatregelen en instrumenten worden de afgesproken doelen daadwerkelijk gerealiseerd?

    Sleutel 2: Instrumentenmix als ontwerpvraagstuk

    Die vraag brengt ons bij de tweede sleutel: de instrumentenmix. Een gebiedsproces kan richting geven aan de gewenste ontwikkeling, maar zonder een effectieve combinatie van instrumenten blijven doelen papierwerk. Het kabinet kiest daarom terecht niet voor één maatregel, maar voor een samenhangend pakket van normering, financiële ondersteuning, natuurherstel, extensivering, innovatie, vrijwillige beëindiging en grondinstrumenten.

    Tegelijkertijd ligt hier ook de grootste uitvoeringsuitdaging: succes hangt af van instrumenten die juridisch houdbaar, financieel aantrekkelijk, gebiedsgericht toepasbaar en uitvoerbaar zijn voor ondernemers en overheden.

    De komende jaren moeten daarom niet alleen doelen centraal staan, maar vooral de vraag welke combinatie van instrumenten die doelen daadwerkelijk realiseert. Een norm zonder handelingsperspectief leidt tot weerstand; een subsidie zonder duidelijke doelsturing biedt onvoldoende zekerheid voor natuurherstel en vergunningverlening. Juist de samenhang tussen instrumenten bepaalt het effect.

    Provincies en waterschappen spelen daarbij een cruciale rol. Zij moeten gebiedskennis vertalen naar maatwerk. Het nieuwe GLB vanaf 2028 biedt hiervoor belangrijke kansen door structurele financiering te verbinden aan natuur, water, landbouw en gebiedsontwikkeling.

    Maar zelfs de best ontworpen instrumentenmix roept uiteindelijk een praktische vraag op: waar moet de verandering landen? Daarmee komen we bij de derde sleutel.

    Sleutel 3: Actief en strategisch grondbeleid 

    Veel maatregelen lijken op het eerste gezicht te gaan over stikstof, natuur of vergunningverlening. In de praktijk komen zij echter samen op dezelfde vierkante meters. Extensivering vraagt (vaak) meer hectares per bedrijf. Natuurherstel vraagt ruimte. Verplaatsing van bedrijven vraagt alternatieve locaties. En ook wateropgaven, kavelruil en grondgebondenheid landen uiteindelijk op dezelfde grond.

    Daarom schuilt achter vrijwel iedere maatregel uit de instrumentenmix een grondvraagstuk. Het kabinet onderkent dit en zet in op instrumenten zoals vrijwillige kavelruil, herverkaveling, pachtconstructies, een grondfaciliteit en de nationale grondbank. Grondbeleid wordt daarmee steeds meer sturend voor de transitie van het landelijk gebied.

    De praktijk zal uitwijzen of dat voldoende is. Grond is schaars en kostbaar, eigendom is versnipperd en verschillende opgaven concurreren om dezelfde ruimte. Juist daarom bepaalt een actieve en strategische inzet van grondbeleid het succes van de gebiedsgerichte stikstofaanpak. Uiteindelijk wordt een groot deel van de opgave niet opgelost met wetten en regelgeving, maar op de grond zelf.

    Vervolg

    Het succes van de nieuwe stikstofaanpak zal uiteindelijk niet worden bepaald door de ambities op papier, maar door de uitvoerbaarheid in de praktijk. Gebiedsprocessen, de instrumentenmix en actief grondbeleid vormen daarbij drie onlosmakelijk verbonden sleutels.

    In een blogreeks gaan wij op ieder van deze sleutels afzonderlijk in. Daarbij laten we zien welke keuzes overheden en gebiedspartners de komende jaren moeten maken en welke bestuurlijke, juridische en uitvoeringsvraagstukken daarbij om aandacht vragen. Zo werken we stap voor stap toe naar de vraag die centraal staat: hoe komt Nederland daadwerkelijk van het stikstofslot?

    Maak kennis met

    Jouke Campenhout

    Jouke van Campenhout

    Senior adviseur

    Als Senior adviseur binnen de adviesgroep Ruimte, Wonen & Economie van TwynstraGudde buig ik me over ruimtelijke vraagstukken die ertoe doen – in zowel het stedelijk als het landelijk gebied.

    Sophie Dijkkamp

    Sophie Dijkkamp

    Senior adviseur

    In het landelijk gebied komen veel belangen en opgaven samen. Hoe verbinden we deze, zonder dat ze met elkaar concurreren? Dat is mijn missie.

    Merijn Biemans

    Merijn Biemans

    Senior adviseur

    Klimaatverandering, hitte, wateroverlast en een drastisch afnemende beschikbaarheid van zoetwater overal ter wereld, hebben een ontwrichtende invloed op de samenleving, en die zal nog groter worden. Willen we onze weerbaarheid verbeteren, dan is allereerst een integrale, strategische blik nodig.