Artikel Mensch, durf te experimenteren!

Bestuurders erkennen de waarde van experimenten. Pilots en proeftuinen zijn populairder dan ooit. We willen zoeken naar nieuwe oplossingen en we gaan complexe transformaties met leerprocessen te lijf. Maar durven we ook werkelijk buiten de lijntjes te kleuren? Bestuurskundige Suzanne Potjer pleit ervoor om van experimenteren en leren een professionele praktijk te maken en noemt zes strategieën voor de experimenterende overheid.

Toegevoegd door Suzanne Potjer op 4 maart 2021

Het programma aardgasvrije wijken heeft de bescheiden doelstelling van tweeduizend aardgasvrije woningen in 2019 niet gehaald, zo schrijft de Algemene Rekenkamer in een kritisch rapport. De conclusie is kort door de bocht: het programma draagt onvoldoende bij aan de doelstellingen om wijken aardgasvrij te maken. Wat gaat hier mis? Het was toch een programma om te leren? In 46 proefwijken zouden we zoeken naar antwoorden op talloze vragen die deze transformatie nog oproept. Dus waar gaat het om? Gaat het erom dat we huizen zo snel mogelijk van het gas afhalen of dat we zo snel mogelijk leren wat wel en niet werkt?

Onorthodox ei van Columbus

Een experiment kan niet mislukken. Een experiment mislukt pas, als we verzuimen er iets van te leren. Toch zit er iets in ons systeem waardoor we heel snel de stekker eruit trekken: ‘Jammer, experiment mislukt, niet meer aan denken’. We zijn eraan gewend om doelstellingen te formuleren en we verwachten van experimenten een onorthodox ei van Columbus waarmee die doelen SMART worden bereikt. Lukt dat niet, dan zappen we snel door naar de volgende pilot of proeftuin. Lukt het wel, dan willen we zo snel mogelijk opschalen en uitrollen. Maar zo werkt het niet. De coöperatie Het Hof van Cartesius in Utrecht is een bekende circulair gebouwde groene werkplek voor creatieve en duurzame ondernemers. Een doorslaand succes. Maar dat succes kun je niet zomaar als een blauwdruk op een andere plek reproduceren. Bovendien is er niet één innovatie zaligmakend.

Lokale vernieuwingskracht

Niettemin zijn experimenten meer dan ooit nodig. De transities van vandaag zijn te complex voor uitgesleten routes. Bovendien leven we in een netwerksamenleving waarin de overheid het niet alleen kan en het ook niet alleen voor het zeggen heeft. Iedereen is aan het zoeken en we zien een wirwar van verbanden, deals, ateliers, labs en allianties. Maar succes is niet gratis. De gemeenschap van het Friese dorp Reduzum wil zelfvoorzienend zijn en daarom een nieuwe dorpsmolen plaatsen. Het dorp komt met een oplossing voor een taai maatschappelijk vraagstuk waar we op nationaal niveau geen panklaar antwoord voor hebben. Toch werd het dorp jarenlang tegengewerkt door de provincie, wier beleid het was om windturbines te clusteren. De overheid remde de lokale vernieuwingskracht af in plaats van deze te omarmen en de vraag te stellen hoe we hiervan kunnen leren. We hebben burgers nodig die denken de problemen effectiever op te kunnen lossen dan de overheid dat doet. Die burgers moeten we stimuleren; niet in de wielen rijden. Samen komen we een stap verder.

Lokaal, horizontaal en verticaal

Om te leren van experimenten, moeten we verder gaan dan het experiment zelf. Het systeem als geheel moet experimenteren en leren. Een systematische aanpak van ‘experimenteel besturen’ kent drie niveaus. Op een lokaal systeemniveau leiden experimenten tot vernieuwende ideeën en oplossingen voor ingewikkelde maatschappelijke vraagstukken. De Hof van Cartesius en het dorp Reduzum zijn daarvan goede voorbeelden. Op horizontaal niveau vindt uitwisseling van kennis en ervaring plaats: het ecosysteem maakt het mogelijk te leren en de leerwinst vervolgens te benutten in andere experimenten. Op het verticale niveau kunnen instituties de ideale omgeving creëren waarin experimenten floreren. Lokaal staat voor vernieuwing, horizontaal voor versnelling en verticaal voor adaptief vermogen. Lokale experimenten doen we tot dusver graag. Op het horizontale en vooral het verticale systeemniveau kunnen we verbeteren. En juist daar speelt de overheid een sleutelrol.

Horizontaal: los niet alle vragen in je eigen experiment op

Een voorbeeld van het horizontale systeemniveau is het Benthemplein in Rotterdam, omgevormd tot het beroemde waterplein. Als het hard regent wordt water opgevangen in speciale reservoirs op het plein. Het naastgelegen sportveld ligt lager, zodat het bij extreme omstandigheden onderloopt en zo als extra bufferruimte dient. Het is een mooie oplossing voor klimaatadaptatie in een dichtbevolkte stad. Het initiatief heeft direct bijgedragen aan een soortgelijke, maar toch ook net wat andere innovatie in Mexicostad. Zo staan experimenten nooit op zichzelf. Trekkers van stadslabs komen samen om van elkaars ervaringen te leren. Experimenteel besturen is stimuleren, wederzijds leren, elkaar opzoeken en horizontaal samenwerken als experimenten of gemeenten. Je moet niet alles zelf willen uitvinden of oplossen in je eigen experiment.

Verticaal: verbind de experimentele en de reguliere institutionele wereld

Een mooie illustratie van het verticale niveau zie je bij de City Deal Elektrische Deelmobiliteit. Institutionele partners (gemeenten, ministeries, andere partijen) scheppen samen de condities voor concrete experimenten in wijken. De lokale experimenten zijn verbonden met de reguliere institutionele wereld. Als uit experimenten nieuwe oplossingen of lessen komen, krijgen die meteen vertaling in bijvoorbeeld wetgeving of financiering. Experimenten hebben dit soort interbestuurlijke samenwerking nodig om verder te komen. Andersom is ook waar: dit soort interbestuurlijke samenwerking heeft experimenten nodig, want het gaat juist om ingewikkelde vraagstukken waarvoor nog geen antwoorden bestaan. Meestal zijn de experimentele en de reguliere institutionele wereld van elkaar gescheiden. Experimenten krijgen dan maar weinig ruimte en kunnen niet leiden tot systeemverandering. Om die twee werelden actief op elkaar aan te sluiten is voor de experimentele bestuurder misschien wel de grootste uitdaging.

mensch-pagina

Zes strategieën

Hoe kunnen overheden aan de slag met experimenteel bestuur? In organisaties die van oudsher gericht zijn op heldere regels en zorgvuldige plannen, is het verkennen van nieuwe wegen een onzekere exercitie die veel vraagt van mensen en organisaties. Experimenteren is pionieren. Maar een pionierende ambtenaar? Kom daar maar eens aan! Je bevindt je in een grijs gebied: wat mag wel en wat niet? Waarop word ik afgerekend? Krijg ik rugdekking van mijn manager, wethouder of minister, ook als de resultaten tegenzitten? Wat kan de overheid doen om lokale experimenten te omarmen en zo te profiteren van de kennis, ervaring en energie die in de maatschappij aanwezig zijn? We schetsen zes strategieën die overheden helpen om meer experimenterend en lerend te werk te gaan.

cijfers-voor-blog-01-2  Schep en benut ruimte

Ruimte is het allerbelangrijkste om te kunnen experimenteren: ruimte om iets nieuws te proberen. Los van verwachtingspatronen, regels en procedures. Noem het ‘ontregelen’. Ruimte kan ad hoc worden gevonden, maar de overheid kan die ruimte ook structureel creëren bijvoorbeeld met een experimentenwet. Voorwaarde is natuurlijk wel dat de overheid de ruimte ook beschermt en benut om te leren.

cijfers-voor blog-02  Zoek naar kansen

De kunst van het experimenteren ligt vaak in het ruimte bieden aan goede initiatieven uit de samenleving en in tijdig signaleren welke routines je moet aanpassen om die mogelijk te maken. ‘Not invented here’ zou een aanbeveling moeten zijn; geen diskwalificatie. Beperk je niet tot de initiatiefnemers en insprekers die je toch al kent, maar zoek naar de unusual suspects. Heb oog voor dingen buiten je eigen kielzog.

cijfers-voor-blog-03-2  Zet de verbeelding in

Verbeelding loopt als een rode draad door elk experiment. De macht der verbeelding. Design thinking. Niet zeggen hoe het moet, maar laten zien dat het (anders) kan. Het onvoorstelbare voorstelbaar maken. Inspiratie is een kracht die enthousiasmeert en die maakt dat mensen met je willen samenwerken. Nieuwe perspectieven zijn de eerste stap naar verandering.

cijfers-voor-blog-04  Creëer samenhang

Experimenten staan niet op zichzelf, maar bevinden zich in een ‘web van leven’ en gedijen in een ‘web van leren’. Als de overheid experimenten wil stimuleren, is het haar taak samenhang te zoeken: tussen experimenten en regulier beleid, tussen het werk van verschillende organisaties en tussen initiatieven van de overheid en van de samenleving.

cijfers-voor-blog-05  Leer van ervaringen

Leren is een cruciaal onderdeel van experimenteren. Als we iets ervaren, dringt het pas echt door. Ervaringen kunnen op allerlei manieren worden opgezocht: in een experiment, door aan de slag te gaan en te ervaren wat het resultaat is. Maar ook bijvoorbeeld door andere plekken te bezoeken, door te lezen of te horen over voorbeelden en door ervaringen uit te wisselen met anderen.

cijfers-voor-blog-06  Probeer doorlopend uit

Eén experiment maakt nog geen experimenteel bestuur. Ook al experimenteren overheden steeds vaker, ze doen het nog vaak op vrijblijvende wijze. Experimenteel besturen vergt dat experimenteren en leren tot een doorlopende praktijk worden gemaakt waarin overheden niet soms, maar continu dingen uitproberen en daarvan leren.

Oplossingen die werken

De energietransitie, de verduurzaming van ons voedselsysteem, de druk op de steden, de toenemende ongelijkheid, ouderenzorg, de coronacrisis,… Meer dan ooit hebben we vernieuwende antwoorden nodig op grote maatschappelijke uitdagingen. Het is tijd dat we leren en experimenteren tot een professionele praktijk maken. Overheden kunnen die praktijk ontwikkelen in samenwerking met de samenleving zodat alle ideeën en initiatieven die daar aanwezig zijn, worden benut. Het zijn uiteindelijk mensen die nieuwe manieren van werken durven omarmen. Mensen die goede ideeën hebben, blijk geven van ‘institutioneel ondernemerschap’ en anderen daarover kunnen vertellen. Overheden doen er goed aan om een deel van hun tijd en energie vrij te maken voor de experimentele zoektocht naar oplossingen die werken.

Meer lezen?

Dit artikel is geschreven op basis van het essay Experimenteel Bestuur; bijsluiter voor beleidsmakers die op pad willen geschreven door Suzanne Potjer en Maarten Hajer, uitgegeven door Urban Futures Studio, Universiteit Utrecht. Dit essay kun je hier downloaden.
Het essay is een vervolg op: Suzanne Potjer, Experimenteel bestuur; van mogelijke, naar haalbare, naar gangbare vernieuwing, Urban Futures Studio, Universiteit Utrecht, Utrecht, 2019.

Suzanne Potjer is bestuurskundige en expert op het gebied van experimenteren en leren in het publieke domein. Ze is adviseur bij TwynstraGudde en helpt overheden en organisaties om meer lerend te werk te gaan.

Neem contact op met

Alle mensen

Neem contact op met

Alle mensen

Blijf op de hoogte

Ontvang de nieuwsbrief.

Vragen?

Je kunt ons mailen of bellen 033 467 77 77

Impact op morgen.