Blog Conditio sine qua non voor de energietransitie - Van Parijs naar Pingjum

In Parijs tekenden 195 landen in december 2015 een historisch klimaatverdrag. In Pingjum ervaart men de lokale gevolgen. Om de stijging van de gemiddelde temperatuur op aarde onder de 2oC te houden, zijn internationale afspraken gemaakt over de maximale de uitstoot van CO2. Bewoners van het Friese Pingjum, even ten zuiden van Harlingen, vrezen dat hun dorp het epicentrum wordt van een groot windpark. Zij zien hun geliefde landschap overvleugeld door torenhoge windturbines.

Toegevoegd door Ellen Smit op 3 maart 2017

Toeval of niet, Pingjum is ook het dorp van filmmaker Jeroen Hoogendoorn. Hij ervaart de lokale gevolgen van wereldwijde ambities en laat in de documentaire Onderstroom zien hoe beide schaalniveaus botsen.

Botsende belangen

Hoogendoorn laat in zijn documentaire zien hoe gevestigde belangen botsen met initiatieven van energiepioniers. De provincie heeft als taak 530,5 megawatt aan windvermogen ruimtelijk in te passen en minister Kamp dringt aan op spoed. Er zijn in Friesland minstens 200 grote turbines nodig. Gevestigde energieconcerns verdienen aan de geproduceerde groene stroom. Boeren schrijven jaarlijks €30.000 bij voor iedere windturbine die op hun land staat. En omwonenden? Die worden afgescheept met eenmalig €300 planschade.

Foar de Wyn

De documentaire gaat ogenschijnlijk over de bouw van windturbines op het platteland. Maar onder de oppervlakte laat Hoogendoorn een onderstroom zien van politici en burgers die elkaar niet weten te bereiken. Hij volgt het samenwerkingsverband Fryslân Foar de Wyn, waaruit blijkt dat niet alle bewoners tegen windenergie zijn. Er is juist een grote groep die inziet dat het mondiale klimaatprobleem ook lokale inspanningen vraagt. Echter, de manier waarop overheid en energiesector windenergie willen inpassen, stuit op weerstand.

De bijna-revolutie

Hoogendoorn zag onder zijn ogen een bijna-revolutie voltrekken. Een groep Friese initiatiefnemers kreeg het voor elkaar om een windplan te maken mét lokaal draagvlak. Of, zoals Albert Koers van Fryslân Foar De Wyn het in de documentaire noemt: ‘met een eerlijke verdeling van lasten, lusten en zeggenschap’. Kleinschalig en participatief. De revolutie was er bijna. Want hoewel het provinciale bestuur de ruimte gaf voor open samenwerking, grepen Gedeputeerde Staten uiteindelijk toch terug op het coalitieakkoord van 2011 met een concentratie van windturbines in enkele grote windparken. Het biedt meer zekerheid en tempo, ook al moet lokale zeggenschap ervoor wijken. De lusten zijn voor de exploitanten en het algemeen belang, omwonenden ervaren alleen de lasten.

Wat leren we ervan?

Kan het anders? Wat leert de documentaire ons als het gaat om de realisatie van projecten met veel impact voor de omgeving? Hoe kunnen we lokale belangen en (inter)nationale ambities matchen? Een voorbeeld waar samenwerking wél succesvol is, zien we in Deventer. Daar lukte het de lokale energiecoöperatie Deventer Energie en de groene energieproducent Pure Energie om samen windturbines te plaatsen. Ruim 90 leden van de coöperatie hebben geïnvesteerd in twee windturbines. De gemeente Deventer en de provincie Overijssel hebben met een financiële bijdrage de coöperatie in de benen geholpen en hebben het project ruimtelijk mogelijk gemaakt. Kortom: samenwerking tussen energiesector, inwoners en overheid gericht op een balans tussen lasten, lusten en zeggenschap. Het kan dus wel.

Drie conditio sine qua non

Het Deventer project is qua omvang natuurlijk niet te vergelijken met de hele Friese taakstelling van 530,5 megawatt, maar uit de vergelijking komen wel drie basiscondities voor succesvolle energietransitie naar voren. Wat mij betreft zijn dat drie conditio sine qua non.

1 Neem de tijd voor samenwerking

Energieprojecten kosten tijd. Het loont om die tijd te benutten om met stakeholders te werken aan een projectontwerp dat winst oplevert voor een brede groep. Vooral als het gaat om projecten met veel ruimtelijke impact zoals de plaatsing van windturbines. Fryslân Foar de Wyn kreeg amper een jaar om te komen tot een inpassingsplan voor 530,5 megawatt. Dat is te weinig. Zeker als je ziet dat de coöperatie Deventer Energie twee jaar nodig had om te komen van initiatief tot financial close van de twee windturbines.

2 Leer elkaar goed kennen

Samenwerking kan pas verschil maken als partners elkaar met een open houding tegemoet treden. Iedereen is in staat om vooroordelen los te laten en te bouwen aan wederzijds begrip, een goede vertrouwensbasis en meerwaarde voor alle stakeholders. In Fryslân Foar de Wyn werkten drie partijen samen: natuur- en landschapsorganisaties, initiatiefnemers en omwonenden. Dat is geen voor de hand liggende samenwerking, maar Onderstroom laat zien dat zij uiteindelijk vertrouwen bij elkaar vonden. Wat ontbrak was het volle commitment van de provincie aan het samenwerkingsproces van de lokale initiatiefnemers.

3 Toon leiderschap

Leiders met een intrinsieke motivatie voor de energietransitie kunnen zorgen voor versnelling. Denk aan visionaire bestuurders met durf om gevestigde belangen af te wegen en nieuwe belangen in een gloedvol betoog te verdedigen bij volksvertegenwoordigers en kiezers. Denk ook aan ondernemers die met succesvolle investeringsbeslissingen laten zien dat financieel rendement en maatschappelijke meerwaarde niet elkaars tegenpolen hoeven te zijn. Denk aan inwoners die buurtgenoten op de been krijgen voor een lokale energiecoöperatie. De initiatiefnemers van Fryslân Foar de Wyn en de oprichters van Deventer Energie zijn daarvan mooie voorbeelden.

En verder

Zijn we er dan? Nee, nog lang niet. Als een windenergielocatie door een aanwijzing toch van bovenaf wordt opgedrongen, zijn de rapen gaar. En om de lasten en lusten dichter bij elkaar te brengen, is het goed om de gedragscode te volgen van de Nederlandse Windenergieassociatie (NWEA) en een aantal milieuorganisaties. Investeerders moeten volgens die code een bedrag van 40 tot 50 eurocent per geleverde MWh beschikbaar stellen aan de regio. Als het hard waait is dat per uur een paar tientjes voor de lokale gemeenschap in Pingjum. Dat is nog eens wat anders dan een eenmalig bedrag van €300. Het is ook belangrijk om de eeuwigdurende discussie over nut en noodzaak te beslechten. Dat blijft nodig, want Donald Trump zaait als klimaatscepticus ook in Pingjum nieuwe twijfel.

Tot slot

Lees ook het whitepaper ‘De wind kan nog veel leren van de weg’ (http://tg.twynstragudde.nl/white-paper-wind-weg-energie) van mijn collega’s Nicolet Luisman en Rutger Visser. Zij maken een interessante vergelijking tussen de procesgang bij de realisatie van windparken en die andere grote infrastructurele projecten: snelwegen. Wat kunnen beide werelden van elkaar leren?

De documentaire Onderstroom wordt in twee delen uitgezonden op NPO2. Deel 1 was te zien op zaterdag 4 maart om 15.30 uur en is herhaald op 5 maart om 13.00 uur. Deel 2 volgt een week later. Kijken dus!

Alle mensen

Alle mensen

Blijf op de hoogte

Ontvang de nieuwsbrief.

Vragen?

Je kunt ons mailen of bellen 033 467 77 77

Impact op morgen.