Drie deelonderzoeken
De gegevensverzameling heeft plaatsgevonden in drie verschillende deelonderzoeken:
• met een meerjarige monitor zijn de prestaties van de betrokken partijen en de opgetreden maatschappelijke effecten in kaart gebracht
• met behulp van vragenlijsten is aan partijen gevraagd om hun rolopvatting en hun ervaringen met de spoorwetgeving te geven (zelfevaluaties). Op basis hiervan hebben verdiepende gesprekken met een visitatiecommissie (‘commissie Sorgdrager’) plaatsgevonden.
• met een juridisch technische toets is de wetgeving op haar kwaliteit is beoordeeld.
De hoeveelheid aan gegevens is geanalyseerd en de resultaten en conclusies zijn in analysesessies gedeeld en verdiept met de betrokken partijen.
Kabinetsstandpunt
De aanpak heeft geleid tot een rijkheid aan informatie en actieve betrokkenheid van de stakeholders. Met als resultaat: draagvlak voor de conclusies en concrete aanknopingspunten voor verbetering. De evaluatie heeft tot een kabinetsstandpunt geleid, dat in 2009 aan de Tweede Kamer is aangeboden. Verbeterpunten zijn door het ministerie opgepakt.
“De evaluatie is uitvoerig geweest en kon rekenen op een intensieve betrokkenheid van partijen uit de spoorsector, consumentenorganisaties, andere departementen en overheden. Hierdoor is een kwalitatief goed en compleet beeld ontstaan van de werking van de spoorwetgeving in de praktijk en de ervaringen die daarmee zijn opgedaan.” Camiel Eurlings, oud-minister van Verkeer en Waterstaat in aanbiedingsbrief evaluatie aan Tweede Kamer