De aanpak van (grote) fysieke projecten in de gemeente Rotterdam kan en moet beter. Betere samenwerking tussen gemeentelijke diensten is daarbij essentieel. Een stevige misser met een grote parkeergarage – de Museumparkgarage, of ook wel ‘de blunderput’ – en de wens om meer integraal te gaan werken zijn hier mede aanleiding voor. Twynstra Gudde adviseerde en ondersteunde in een dienstoverstijgend verbeterprogramma projectmatig werken, dat op grote belangstelling van college en gemeenteraad kon rekenen. Hoe twee vakgebieden – project- en programmamanagement – elkaar nodig hebben en versterken.
Blunderput mede aanleiding voor verbeterprogramma
In de gemeente Rotterdam werken veel partijen samen aan de realisatie van fysieke projecten, zoals gebiedsontwikkelingen, vastgoedprojecten, buitenruimte-projecten en infrastructurele projecten. Spil daarin vormen de dienst Stedenbouw en Volkshuisvesting, het Ontwikkelingsbedrijf en de dienst Gemeentewerken. Mede naar aanleiding van een stevige misser met een grote parkeergarage – de Museumparkgarage – en de wens om meer integraal te gaan werken over de diensten heen, besloten het college en de raad dat het projectmatig werken op een hoger niveau gebracht moest worden. Besloten werd tot een stevig verbeterprogramma binnen de drie diensten, dat die doelstelling moest nastreven. Twynstra Gudde stond de gemeente hierbij terzijde.
Ontwikkeling Rotterdamse Standaard projectmatig werken
Samen met een grote groep direct betrokkenen (zoals opdrachtgevers, projectmanagers) hebben we in 2008 de ‘Rotterdamse Standaard voor projectmatig werken’ (zie ook dit filmpje op YouTube) ontwikkeld: de professionele lat voor de ontwikkeling en realisatie van fysieke projecten. Deze Standaard beschrijft essentiële elementen waarlangs de diensten in de komende jaren een verbeterslag moeten maken. Enkele voorbeelden hiervan zijn de besturing en organisatie van projecten, de manier waarop projecten worden gefaseerd en besluitvorming is ingericht, risicomanagement en de inrichting van projectcontrol. Dit zijn enkele zeer belangrijke hefbomen om ervoor te zorgen dat projecten professioneler gaan verlopen.
Verbeterslag vraagt sturen en steunen
De beoogde verbeterslag (waaronder: minder verrassingen in de uitvoering en meer helderheid in de besluitvorming) vraagt een lange adem, zoveel is zeker. Dan zijn drie dingen essentieel: (1) helder op het netvlies houden waarom we dit ook alweer doen, (2) blijven sturen op de gekozen uitgangspunten en doelstellingen en (3) degenen die het moeten waarmaken daarbij ondersteunen. We kunnen mensen niet alleen vragen om hun werk anders te doen, we moeten ze daar ook bij helpen. Onder meer door de juiste mogelijkheden en faciliteiten te creëren. Het gedachtegoed van programmamanagement helpt om de benodigde sturing op het programma vorm te geven.
Een programmateam, bestaande uit drie programmamanagers (één per dienst), stuurde in 2008 op de ontwikkeling van de Rotterdamse Standaard. In 2009 verschoof de aandacht van ontwikkeling naar implementatie, naar het daadwerkelijk realiseren van de verbeteringen. Het programmateam legde verantwoording af aan een stuurgroep bestaande uit de opdrachtgever en lijnmanagers, die uiteindelijk verantwoordelijk waren voor de implementatie (de ‘business change managers’). Een klein supportteam ondersteunde hierbij, onder meer door diverse werkgroepen te begeleiden en door activiteiten te initiëren die de implementatie in de drie diensten ondersteunden, faciliteerden en aanjaagden.
Onderwerp vele gesprekken
De gekozen aanpak heeft ervoor gezorgd dat de Rotterdamse Standaard al in de ontwikkelfase iets is geworden van een groter deel van de organisatie en dus niet beperkt tot alleen het verantwoordelijke programmateam en de directies van de diensten.
Dankzij alle inspanningen in 2008 en 2009 is de beoogde verbeterslag in projectmatig werken, en specifiek de Rotterdamse Standaard, onderwerp van vele gesprekken op de werkvloer geworden en weten mensen uit de drie diensten elkaar beter te vinden. Het bewustzijn dat het beter moet en kan is duidelijk aanwezig. Daar moet de komende tijd verder op worden doorgepakt, om ervoor te zorgen dat de gestelde doelen gerealiseerd worden.
Enkele lessons learned (2009)
Na een jaar met het verbeterprogramma aan de slag te zijn geweest, konden vele geleerde lessen opgetekend worden voor de programmaorganisatie. Helaas hebben we ze (nog) niet allemaal volledig kunnen verzilveren. Een kleine greep uit de lessons learned:
Bron: De Programmamanager, jaargang 3 nr. 1, februari 2009
